Niederländisch
32 Wendungen haben eine Fassung auf Niederländisch.
- bei Wasser und Brot sitzen
Op water en brood gezet worden.
- Butter bei die Fische
Boter bij de visch.
- da liegt der Hund begraben
Dáár ligt de hond begraven.
- den Splitter im fremden Auge, aber nicht den Balken im eigenen sehen
Hij ziet wel anderer lieden stekjes, maar niet zijn' eigen balk.
- der Zahn der Zeit
Het is de vernielende tand des tijds.
- ein Mann, ein Wort
Hij is een man van zijn woord.
- etwas mit der Muttermilch einsaugen
Hij heeft het met de moedermelk ingezogen. – Hij heeft het uit zijn moeders borsten gezogen.
- frei von der Leber weg reden
Hij spreekt vrij weg van de lever.
- für jemanden die Kastanien aus dem Feuer holen
Hij moet altijd de kastanjes uit het vuur halen.
- gegen den Strom schwimmen
Hij vaart met den stroom mede. – Hij volgt dem stroom.
- gute Miene zum bösen Spiel machen
Bij een slecht spel een goed gezigt zetten.
- Grütze im Kopf haben
Het heeft geen gortje op de tong.
- Hand aufs Herz
Een ieder legge zijne hand op het hart, en kenne zich zelven.
- in ein Wespennest stechen
Hij heeft het wespennest verstoord.
- Irren ist menschlich
Dwalen is menschelijk.
- jemandem aufs Dach steigen
Hij komt op mijn dak.
- jemandem die Leviten lesen
Iemand de Leviten lezen.
- jemanden an der Nase herumführen
Zich bij den neus laten leiden.
- Luftschlösser bauen
Dat is een kapelletje in de maan. ( Harrebomée, I, 381 b. ) – Hij bouwt kasteelen in Spanje. – Hij bouwt Luchtkasteelen. ( Harrebomée, I, 384 a. ) – Hij timmert in de lucht.
- Perlen vor die Säue werfen
Werp geene paarlen vor de zwijnen, zij mogten ze onder den draf inlijven.
- vom Leder ziehen
Hij trekt van leêr.
- wissen, wo Barthel den Most holt
Hij weet wel, waar Abraham den mutsaard haalt.
- die Letzten werden die Ersten sein
Vele laatsten zullen de eersten zijn, en vele eersten de laatsten.
- der Appetit kommt beim Essen
Al etende wast de appetijt.
- einem geschenkten Gaul schaut man nicht ins Maul
Men en sal den ghegheven peert niet nau in den mont sien. – Men moet geen gegeven paard in den bek zien.
- Hochmut kommt vor dem Fall
Hoogmoed komt vóór den val.
- Gelegenheit macht Diebe
De gelegenheid maakt een' dief.
- Morgenstunde hat Gold im Munde
De bruine morgenstond is goed voor de reizigers. – De morgenstond heeft goud in den mond. ( Bohn I, 306. ) – Geen bekwamer licht dan van den morgenstond.
- Undank ist der Welten Lohn
Ondankbaarheid is's werelds loon. – Op wel doen valt wel ondank in 't einde.
- man soll den Tag nicht vor dem Abend loben
Men love geen dag, of hij zij den avond.
- Zeit ist Geld
Tijd is geld.
- wie kommt Saul unter die Propheten
Is Saul ook (wat doet Saul) onder de profeten?